Publicatie rapport ‘Rijke signalen, wisselende opvolging’

Op 3 april de publiceerde de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen het onderzoek ‘Rijke signalen, wisselende opvolging’. Dit onderzoek biedt inzicht in het signalerings- en opvolgingsproces bij de politie, de Arbeidsinspectie en de Koninklijke Marechaussee (KMar). Uit dit onderzoek blijkt dat een groot aantal signalen mensenhandel de opsporingsinstanties bereiken. De opvolging van deze signalen wisselt echter sterk per opsporingsinstantie.

Veel van de signalen mensenhandel die gemeld worden bij de opsporingsdiensten bevatten meerdere signalen van dwang, waarbij het gebruik van geweld het meest voorkomende dwangmiddel is. Daarnaast lijken vermoedelijke daders vaak misbruik te maken van de kwetsbaarheden van de slachtoffers zoals het ontbreken van eigen huisvesting, psychische problematiek, schulden of minderjarigheid. Ook zijn de gesignaleerde mogelijke daders vaak al eerder in beeld zijn geweest bij de opsporingsinstantie vanwege criminele activiteiten, zoals fraude, vermogensdelicten en wapenbezit. Sommigen waren eerder in beeld in verband met mensenhandel.

Hoewel opsporingsdiensten verplicht zijn elk signaal van mensenhandel op te volgen, verschilt deze opvolging sterk per organisatie. Bij de KMar heeft dat heeft deels te maken met de taakstelling in de aanpak van mensenhandel. De KMar heeft daarin namelijk een beperktere taak en doet zelf nauwelijks opsporingsonderzoek, maar stuurt signalen door naar de politie. Verder heeft het ook te maken met de verschillen tussen de opsporingsdiensten in werkwijze. Zo richt de Opsporingsdienst van de Arbeidsinspectie zich in het verrijken van signalen van mensenhandel voornamelijk op het controleren van informatie in de systemen en zijn ze terughoudender met opsporingshandelingen in een vroeg stadium. De Arbeidsinspectie spreekt slechts in 30% van de gevallen met het slachtoffer, terwijl de politie dat in minimaal 69% van de gevallen doet. De KMar-medewerkers spreken bijna alle slachtoffers (93%).

In deze publicatie doen we aanbevelingen ter verbetering van de signalering en identificatie van mensenhandel bij de opsporingsinstanties, gericht op onder meer deze constateringen.

Het volledige onderzoek kunt u hier lezen.